Academy kalender

« November - 2017 »
M D W D V Z Z
 
01
02
03
04
05
06
07
08
09
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
24
25
26
27
28
29
30
 

Persoonlijke Productiviteit (bron:nrc)

02 juni 2014

(1)’s Morgens zijn we fris, energiek en presteren we optimaal. ’s Middags zijn we juist minder zorgvuldig en effectief. Uit onderzoek blijkt dat vroege vogels op de werkvloer hogere beoordelingen krijgen dan mensen die later binnenkomen. Dat de totale werkdag even lang was – van 7.00 tot 15.00 uur of van 11.00 tot 19.00 uur – maakte voor dat oordeel niet uit. Houd je baas net als jij van uitslapen? Dan hoef je je wat minder zorgen te maken. Leidinggevenden die zelf later beginnen, oordelen minder snel negatief over werknemers die dat ook doen.

(2) De kans is klein dat je écht een avondmens bent. Genetisch gezien is slechts 3% tot 5% van de bevolking in westerse landen een ochtendmens, en ongeveer 5% tot 7% een avondmens. De rest van ons gaat gewoon rond 23:00 naar bed en is pas uitgerust na gemiddeld zeven uur slaap.

Wat wel gebeurt: we máken onszelf een avondmens. Omdat we ’s avonds met het heldere wit-blauwe licht van televisie of computerschermen onze biologische klok in de war maken. Via lichtsensoren in ons netvlies wordt de biologische klok in waakstand gehouden en wordt de productie van het slaaphormoon melatonine uitgesteld. Als je geen zin hebt om te slapen, maak je jezelf onbewust tot een avondmens. Wie bijvoorbeeld om 01:00 gaat slapen, zou eigenlijk pas om 08:30 op moeten staan. Elk uur dat je eerder opstaat voor werk, voelt dus zwaar. Om je biologische klok weer op tijd te zetten, gebruiken we het ochtendlicht. Open dus zo snel mogelijk je gordijnen, en draag geen zonnebril. Voor de bedlezers: lees je boek bij een warm, geel lampje. Dat verstoort de biologische klok niet.

(3) Als je korter dan zes uur slaapt gaan je hersenen minder goed functioneren. Dat wisten we natuurlijk al, maar we denken zelf dat het meevalt. Dus als je collega roept dat ze prima met veel minder slaap toekan, heeft ze waarschijnlijk gewoon niet door dat ze minder goed functioneert. Een week lang 5,5 uur slaap per nacht (twee uur te weinig) zorgt al dat processen in je lichaam verstoord raken. Voor elk uur slaap dat je mist, zou je de volgende avond anderhalf uur eerder naar bed moeten gaan om weer voldoende uit te rusten. Uitslapen is veel minder effectief dan vroeg naar bed gaan. Want juist het eerste deel van de nacht val je in een ‘diepe slaap’, terwijl je in de tweede helft van de nacht een droomslaap hebt. In de diepe slaap wordt onder andere je geheugen gevormd en rust je het meeste uit.

Ook op wisselende tijdstippen naar bed gaan is niet goed voor je lijf. Zelfs als het maar één uur verschilt. Onze klok is gebaat bij regelmaat. Daarom zijn ploegendiensten ook slecht voor de gezondheid, je lichaam went er niet aan.

(4) Het blijkt dat je op bepaalde momenten van de dag meer ‘piekt’ dan op andere momenten. Voor de grootste groep van de mensen ligt dat moment in de middag, zo tussen drie en zeven uur.” Hoor je tot de kleine minderheid die daadwerkelijk genetisch bepaald bij de ochtendmens hoort, zal dat vroeger zijn.

Benieuwd bij welk chronotype je hoort? Dat kun je uitzoeken door een week lang ‘te leven met de zon’. Dus zonder kunstlicht erachter komen wanneer je wilt slapen. De eerste drie à vier dagen zul je in ieder geval veel slapen, maar daarna gaat je lichaam weer herkennen wat zijn eigen ritme is. Wil je dan vóór 11 uur slapen, ben je een ochtendmens. Ben je pas na 12 uur slaperig, dan een avondmens.

________________________________________

Dit is een samenvatting van een artikel verschenen in het NRC Handelsblad van zaterdag 31 mei 2014 op pagina 10 & 11

Tags: